In Flevoland ‘pronkte’ een zogenoemd kunstwerk: De Tong van Lucifer. Ook staat er in Lelystad de zuil van Lely, als een obelisk. Rinze uit Lelystad kreeg een openbaring van God dat deze tekenen van menselijke trots geestelijk neergehaald moesten worden. Niet lang daarna werd de Tong verwijderd.
Begin vorig jaar kwam Rinze de telegramgroep van Rivercall Nederland binnen. Hij beschouwde zichzelf niet echt als een bidder en ook had hij nog niet echt een idee van wat het inhield om een profetische wachter te zijn. Maar toen een zus hem voor de groep uitnodigde nam hij deze uitnodiging aan.
Hij sloot aan bij het online gebed op maandagochtend voor Nederland, las een boek wat in de groep werd aangeraden over wachters en ging in Nijkerk naar een onderwijsavond voor wachters. Het werd een feest van herkenning voor hem! In de tijd die volgde bevestigde God hem er steeds meer in dat hij door Hem geroepen werd voor het wachterschap. Kort daarna werd hij in het Rivercall Nederland team uitgenodigd als wachter voor Flevoland en was hij ondertussen zo goed door God voorbereid dat hij deze uitnodiging ook durfde aan te nemen.
“Nooit meer terug”
Rinze is geboren en getogen in Lelystad. “Aangezien Lelystad toen ik werd geboren officieel nog niet bestond, staat er ‘Zuidelijke IJsselmeerpolders’ op mijn paspoort.” Hoewel hij er een mooie jeugd heeft gehad, vluchtte hij er op zijn negentiende weg. “Ik deed daarbij de belofte dat ik nooit meer terug zou komen.”
Mede door zijn koppigheid heeft hij dat ook lang volgehouden. Totdat zijn vrouw en hij op een gegeven moment besloten de touwtjes van hun leven over te geven aan God. “Binnen twee weken was de negatieve bril ineens vervangen door een positieve. Echt hilarisch.” Niet lang daarna vertrokken ze naar Lelystad. De afgelopen jaren hebben ze meerdere getuigenissen gehoord van mensen die, vaak tot afgrijzen van hun naasten, zich door God geroepen wisten naar Lelystad te verkassen. Gaandeweg werd hij notabene door buitenlanders er op gewezen hoe bijzonder de Flevopolder en de hoofdstad ervan zijn. “Tot mijn eigen verbazing ben ik er ook enthousiast over geworden en ben ik van de stad gaan houden.”
Enorme engel
God laat Rinze ook dingen zien voor Lelystad. Niet lang nadat hij vlak voor een belangrijk zakelijk gesprek in het geestelijke een enorme engel had zien staan bovenop de oude silo van hun terrein, liep hij ‘s morgens vroeg richting het water van het Markermeer en kreeg hij de ‘toren van Lelystad’ in het vizier. Net als bij de engel het geval was, zag hij tegelijkertijd wel en niet dat er een grote vlam bovenop de toren stond, wat het geheel tot een grote fakkel maakte. Ook kreeg hij dromen over oneindige watermassa’s die in gereedheid gebracht waren om door en om de stad heen stromen te stromen. Het waren voor hem bevestigingen van waar hij al zeker van was, namelijk dat God Zijn vuur zou ontsteken in de stad waar hij was geboren. “Het maakte mij uiteraard erg blij!”
Ergens vorig jaar reed Rinze richting het centrum. Zijn aandacht werd daarbij getrokken door de zuil van Lely die op het stadhuisplein staat. “Ik had dat ding inmiddels al talloze keren gezien, maar deze keer was het he duidelijk dat God het onder mijn aandacht bracht. De volgende morgen vroeg ik God: ‘Wat wilt U zeggen? Moet ik het nu gaan onderzoeken Heer?’ Ik kreeg de indruk dat ik dat laatste moest gaan doen.”
Obelisk als altaar
Via Google kwam Rinze al snel op een website over het ‘kunstwerk’. Hij trof aan wat hij eigenlijk al wist en hem al een tijd irriteerde, namelijk dat het een obelisk is. “Obelisken werden onder andere beschouwd als portals naar andere dimensies en zijn daarmee altaren, altaren van de goden van de oudheid. Je treft ze bij de machtscentra van de wereld, bijvoorbeeld bij het in Vaticaan, London city en Washington DC en niemand die er zich druk om lijkt te maken. Ik las verder op de betreffende website het volgende: ‘Het voorgestelde monument op het Stadhuisplein kreeg de vorm van de zuil (van Trajanus), ter meerdere glorie van het vleesgeworden brein dat geen oorlog behoefde te voeren om toch meer land te verkrijgen.’

Rinze: “Het vleesgeworden brein staat voor het gerealiseerd hebben of alles kunnen realiseren wat in je hoofd opkomt. ‘Wat is nog onmogelijk voor de mens?’ Kwam in mijn gedachten op. Ook las ik Genesis 6:11: ‘en de HEERE zei: Zie, zij vormen één volk en hebben allen één taal. Dit is het begin van wat zij gaan doen, en nu zal niets van wat zij zich voornemen te doen, voor hen onmogelijk zijn.’
Vurig gesprek
Ook kwam een verhaal van een broer naar boven, een broer die hij een aantal jaar geleden ontmoette en met wie hij vervolgens in een vurig gesprek raakte. “Hij bracht mij onder de aandacht dat God hem wat zaken had geopenbaard, onder andere dat de Polder in wezen land is dat niet van God ontvangen is. Het is verkregen door menselijk vernuft en inderdaad zelfs zonder dat er oorlog voor nodig was. De tong van Lucifer – een ander ‘kunstwerk op de Knardijk – niet toevallig op een dijk geplaatst, is in principe ook een gebaar van bespotting naar God door de hoogmoedige mens en de machten en krachten erachter die denkt alles zelf wel te kunnen.”
Bovenop de obelisk op het stadhuisplein is een beeld van Cornelis Lely geplaatst, het brein achter de Flevopolder. “Dit is letterlijk een toonbeeld van waartoe de mens in staat is. De Polder is menselijk gezien ook echt wel een masterpiece of engineering. De mens en waartoe de mens in staat is, wordt verhoogd in Lelystad en op een sokkel gezet. Men heeft land genomen en pronkt daarmee. Over God wordt niet gesproken. Het is Hem een doorn – of een obelisk – in het oog.”
Hak de gewijde paal om
Terwijl Rinze dit alles bestudeerde, bracht God het verhaal van Gideon in zijn gedachten, in Richteren 6:25-27. ’En het gebeurde in diezelfde nacht dat de HEERE tegen hem zei: Neem een jonge stier van de runderen die van uw vader zijn, en wel de tweede jonge stier, van zeven jaar. Breek vervolgens het altaar van de Baäl af dat van uw vader is, en hak de gewijde paal om die erbij staat. Bouw daarna voor de HEERE, uw God, een altaar op de top van deze vesting, op een geschikte plaats. Neem dan de tweede jonge stier en breng een brandoffer met het hout van de gewijde paal, die u om zult hakken. Toen nam Gideon tien mannen van zijn knechten en deed zoals de HEERE tegen hem gezegd had. Maar het was uit vrees voor zijn familie en voor de mannen van de stad om dit overdag te doen, dat hij het ‘s nachts deed.’
“Ik wist meteen: die gewijde paal moest om! Misschien niet direct fysiek, maar wel in het geestelijke.” Rinze wist dat hij in actie moest gaan komen. “Ten eerste om letterlijk bij de zuil op de knieën te gaan, zichzelf te vernederen voor God, de hoogmoed van de stad en Polder te belijden en er plaatsvervangend vergeving voor te vragen. Daarnaast om in gebed de paal om Lely van z’n sokkel te trekken en de paal neer te halen om daarna een nieuw altaar te bouwen op de hoogste plek van de stad en Jezus daarop de hoogste plaats te geven en het lied ‘Jezus, wij verhogen. Als wij aanbidden, bouw Uw troon’ te zingen. Aan de ene kant voelde ik een groot verlangen om dit te gaan doen en vond ik het tof dat ik mijn eerste ‘opdracht’ had ontvangen, maar aan de andere kant voelde ik angst en dus weerstand. Maar het verhaal van Gideon bemoedigde mij.”
Strijduitrusting op orde
God gaf in de tijd erna mensen om Rinze heen die hem hielpen om deze opdracht goed voor te bereiden. “Bij geestelijke oorlogsvoering moet je wel zeker weten dat God je er voor roept en dat de strijduitrusting voor jou en je team op orde zijn.”
Er volgde een tijd van voorbereiden waarin God mensen aanwees om mee op te trekken. Sommigen kwamen vanuit Rivercall Nederland, maar ook een aantal mensen met een heel specifiek mandaat voor Lelystad. “Een van die mensen is Henny, een vurige oudere dame die al decennia in bres staat voor de stad. God had door haar heen al diverse gebedsacties op touw gezet en waarschuwingen aan de gemeente afgegeven, voorafgaand aan de bouw van de zuil van Lely en (her)plaatsing van de Tong van Lucifer. Zij zei dat de zuil zou omvallen. Het was ergens wel grappig, want Henny kreeg van de gemeente berekeningen toegestuurd dat de obelisk heel veilig was, zelfs als het stormde. Het in de wind slaan van haar waarschuwingen heeft ernstige gevolgen gehad die doorwerken tot de dag van vandaag. Zo is er bij de herplaatsing van de obelisk een man om het leven gekomen.”
Groep Gideon-strijders
Uiteindelijk vond de gebedsmissie plaats met een kleine groep ‘Gideon-strijders’. “God had vooraf de strategie bepaald: LEA, Lofprijs en aanbidding. “Hoewel we de indruk hadden dat God vroeg om direct vol in de muzikale aanbidding te gaan, had Hij wat anders in petto. Hij begon namelijk allerlei zaken over de stad te openbaren door alle aanwezigen heen. Hierdoor raakte iedereen vol ontzag voor God en smolt het groepje broers en zussen, van wie de meesten elkaar nog die niet kenden, samen tot een hechte eenheid. Vervolgens werd er met elkaar gegeten. Een andere vorm van lofprijs en aanbidding, maar met recht heerlijk te noemen! De rest van de avond vulde zich met zang, dans en vurig gebed. Het was verre van groots en spectaculair, maar God had duidelijk de regie.”

“In het weekend direct na deze bijeenkomst werd het onderste gedeelte van Tong van Lucifer gestript door koperdieven. De spottende tong kwam daarmee in z’n onderbroek te staan. Nadat de dieven nog een paar keer terugkeerden om nog meer koper buit te maken heeft de gemeente besloten het ‘kunstwerk’ te verwijderen. Precies op de dag waarop een tweede gebedsmissie was gepland bij de Tong, vond de verwijdering plaats. In de avond werd er een feestje ter ere van de Heer gevierd op de plek waar diezelfde ochtend nog een teken van bespotting had gestaan. Halleluja! We bliezen op de shofar en hebben de vernietiging van de spottende tong geproclameerd.”

Vol verwachting
God is aan bewegen, merken de wachters in Flevoland. “Dat gebeurt plotseling en krachtig. Waar al jarenlang gebeden was voor verwijdering van de Tong van Lucifer, was het ineens zover. Vol verwachting kijken we uit naar wat God gaat doen in de Polder, naar een uitstorting van Zijn glorie. Als het levende water de Polder inkomt zal dat op zo’n overvloedige manier zijn dat geen geestelijk gemaal in staat zal zijn het water weg te pompen. God vraagt echter ons wel de weg voor Hem te bereiden en wel op een super eenvoudige manier: LEA! Waar altaren van ware, zelfverloochende aanbidding gebouwd worden, zullen de altaren van de duisternis omgaan. Waar Gods glorie verschijnt, moet het duister wijken. Wat Dagon moest ondervinden toen de ark – die symbool stond voor de aanwezigheid van God – naast hem geparkeerd werd, mogen we zien in het hier en nu en door de Heilige Geest op grote schaal. Vol verwachting kloppen onze harten!”





