De geloofsdoop — de doop op persoonlijke geloofskeuze, door onderdompeling — lijkt steeds meer voet aan de grond te krijgen binnen de traditionele kerken van Nederland. Waar deze praktijk decennialang vooral voorkwam binnen evangelische en pinksterkringen, groeit nu ook binnen de Protestantse Kerk (PKN) de vraag naar volwassen doop. In een recente aflevering van de podcast Revive Today gingen dominee Ard-Jan Gijsbertsen (PKN Garderen) en theoloog Hans Maat (Return of Hope, There Is More) in gesprek over deze ontwikkeling. Bij There Is More gaat deze week voor het eerst ook gedoopt worden.
Tijdens de komende There Is More-conferentie zal voor het eerst een officiële doopsessie plaatsvinden. “De vraag kwam van studenten en bezoekers zelf,” vertelt Hans Maat.
“Veel mensen die als kind zijn besprenkeld, voelen de behoefte om zich bewust te laten dopen, zoals ze dat in de Bijbel lezen: ‘Bekeer je en laat je dopen’. We merken dat dit verlangen sterk toeneemt.”
Volgens Maat is dit geen trend of hype, maar een geestelijke noodzaak. “De doop hoort bij de fundamenten van het geloof. We zien bevrijding en bekering vaak hand in hand gaan — mensen laten letterlijk het oude leven achter in het water.”
Zelf liet Maat zich enkele jaren geleden dopen in een zwembad in Veenendaal, nadat verschillende mensen — naar eigen zeggen — dromen hadden ontvangen dat hij dit moest doen. “Ik dacht echt: Heer, moet dat nou óók nog? Maar het was een stap in gehoorzaamheid. Daarna wist ik: er is iets veranderd.”
De eerste PKN-dominee die het openstelde
Voor Ard-Jan Gijsbertsen betekende de geloofsdoop eveneens een radicale stap. Als predikant binnen de Protestantse Kerk worstelde hij jarenlang met de spanning tussen traditie en Schriftlezing. “Ik ben nog steeds dankbaar dat mijn ouders mij als kind hebben laten dopen,” zegt hij. “Maar in de Bijbel lees je steeds weer: eerst bekering, dan doop. Dat heeft bij mij altijd geschuurd.”
In zijn gemeente in Garderen werd het onderwerp al eerder besproken, maar nooit in praktijk gebracht — tot drie jaar geleden. “Tijdens een dienst voelde ik dat ik niet langer geloofwaardig was als ik zelf ongedoopt bleef,” vertelt Gijsbertsen.
“Ik zei tegen een ouderling: ‘Heb je droge kleren bij je? Want ik ga eerst.’ En toen ben ik als eerste het doopbad in gegaan, vóór mijn gemeenteleden.”
Het moment was historisch: voor het eerst in Nederland bood een PKN-gemeente bewust de mogelijkheid tot geloofsdoop aan. Toch bleef het spannend. “Toen ik naar buiten liep dacht ik: dit kan het einde van mijn ambt betekenen. Maar gehoorzaamheid aan God woog zwaarder dan de mogelijke consequenties.”
Schurende regels
Binnen de Protestantse Kerk is de geloofsdoop officieel niet toegestaan voor wie al als kind is gedoopt. In zulke gevallen mag alleen een doopvernieuwingsritueel plaatsvinden — een symbolisch moment waarbij iemand het doopwater aanraakt zonder opnieuw te worden gedoopt.
Maat noemt dat “een doekje voor het bloeden”.“Ik heb zelf ooit meegewerkt aan het opstellen van dat liturgieformulier, maar eigenlijk geloofde ik er al niet in. Mensen die tot echt geloof komen, willen een reële doop beleven, niet een symbolisch gebaar.”
Gijsbertsen sluit zich daarbij aan, al blijft hij kinderdoop in zijn gemeente bedienen.“Ik wijs de kinderdoop niet af. Mijn ouders hebben dat destijds uit geloof gedaan, en dat respecteer ik. Maar ik vertel er nu wel bij dat er een persoonlijk keuze-moment bij hoort. Als iemand niet bewust voor Jezus kiest, blijft de doop leeg van betekenis.”
Een stille revolutie
Zowel Maat als Gijsbertsen zien de huidige beweging niet als een breuk, maar als een verdieping binnen de kerk. “De Heilige Geest is de kerk aan het heiligen,” zegt Maat. “Er is een generatie die niet langer genoegen neemt met erfgeloof, maar Jezus wil volgen met alles wat ze hebben.”
Bekijk hier de hele video:





