De Meerkerk in Hoofddorp is recent overgestapt naar twee zondagsdiensten om de groei op te vangen. De samenkomsten vinden plaats om 09.00 en 11.00 uur. Volgens voorganger Patrick van der Laan groeit het aantal vaste bezoekers al zeker twee jaar, mede door de instroom vanuit de Alpha-cursus, waar jaarlijks meer dan honderd – veelal buitenkerkelijke – deelnemers aan meedoen.
Die groei is voor voorganger Patrick van der Laan hoofdzakelijk toe te schrijven aan God. “We staan erbij en kijken ernaar wat God doet. De Alpha is een enorme aanvoer, ik snap daar met mijn verstand ook niet alles van.”
De setting is opvallend eenvoudig. De kerk bevindt zich op een oude boerderij, met twee voormalige boerenschuren waar vroeger suikerbieten lagen opgeslagen. “Dat is nu de kerk. We hebben ruimte, we kunnen veel mensen kwijt.”
Bijbelstudieclubje
Alpha kan al snel een plek worden waar bestaande gelovigen samenkomen. De Meerkerk heeft daar bewust een andere koers gekozen. “Het was bij ons ook zo: een soort bijbelstudieclubje. Maar zeven jaar geleden heb ik gezegd: dat wil ik niet meer. Ik wil geen Alpha voor gelovigen die een goed gesprek willen. Ik wil buitenkerkelijken bereiken.”
Die keuze leidde tot een fundamentele verandering in aanpak. Geen Alpha-vlaggen of promotie voor Alpha, maar wijzen op de verantwoordelijkheid van gemeenteleden. “Mensen zeiden: we moeten reclame maken voor Alpha. Maar ik zei: dat ga ik niet doen. Jij bent de vlag die wappert op het voetbalveld en op je werk.”
Evangelisatie kan echter heel snel heel groot worden, waardoor mensen zich ongeschikt voelen. In plaats daarvan werd de focus klein en concreet gemaakt. “Iedereen kent wel één persoon die niet gelooft. Bid voor die ene. Wees bereid om samen mee te gaan van Alpha. Geloof begint bij gebed.”

Die verschuiving in denken werkte aanstekelijk. “Mensen werden enthousiast. Ze gingen delen over hun geloof, zonder schaamte. Gewoon omdat ze het anderen gunnen. En dan zie je wat God gaat doen.”
Dat leidt tot zichtbare vrucht. “We zien nu zoveel mensen bij Alpha en zoveel mensen die tot geloof komen. Dat is echt wonderlijk.”
Sportschool
Een voorbeeld is een personal trainer uit de sportschool. “Ik kwam hem vaak tegen bij de Basic Fit en ik moest zelf ook nog leren om deze plek echt als zendingsveld te zien. Dus ik ben voor hem gaan bidden. Op een gegeven moment vroeg hij mij naar mijn tattoo’s, die expliciet over Jezus gaan. Door gesprekken en een lunch-afspraak kwam hij bij Alpha tot geloof. Hij is elke dag in de sportschool en is nu een soort hofleverancier van Alpha geworden.”
De impact bleef niet bij hem alleen. “Mensen zagen verandering in zijn leven: respectvoller, geen drugs meer. Dan gaan ze vragen stellen. De afgelopen jaren zijn via hem steeds weer nieuwe mensen tot geloof gekomen. Dat is een sneeuwbaleffect.”
Volgens Van der Laan begint dat altijd bij één persoon. “Als je die ene op het oog hebt en ervoor bidt, gaat God bijzondere dingen doen. Dat zie je gebeuren.”
Belangrijk is dat Alpha niet wordt ingezet om de eigen kerk te laten groeien. “Het is geen palingfuik voor de Meerkerk. We willen niet per se dat mensen lid worden. We willen dat ze Jezus leren kennen als Verlosser en Heer. Als iemand in Haarlem woont, verbinden we hem aan een kerk daar.” Juist die focus op Christus verandert de gemeenschap. “Het bijeffect is dat de kerk alsnog groeit. Maar niet met mensen die willen consumeren, maar met mensen die verlangen naar geloof en discipelschap. Dan krijg je een andere kerk.”
Geen eindpunt
Tegelijk wordt benadrukt dat Alpha slechts het begin is. “Het is geen eindpunt. Als mensen tot geloof komen, begint het pas. Dan is het belangrijk dat ze verder groeien, bijvoorbeeld in huiskringen. Discipelschap vraagt om relaties en continuïteit.”
Elke Alpha-avond weerspiegelt die visie. Er wordt samen gegeten – vaak voor tientallen deelnemers – waarna gesprekken in kleine groepen plaatsvinden. “Eten verbindt. En daarna ontstaat ruimte voor echte vragen.”
Een van de verhalen die de impact van deze benadering onderstreept, is dat van BN’er Djarno Hofland. Hij kwam niet via Alpha binnen, maar stapte op een zondag de Meerkerk binnen na een eerdere ervaring in een andere kerk. Via de moeder van zijn kapper was hij ooit terechtgekomen in een Syrische kerk, maar daar verstond hij niets van de dienst. In de Meerkerk ervoer hij direct iets anders: hij werd gewoon begroet als Djarno, zonder dat zijn achtergrond of bekende familieleden een rol speelden. “Het ging om mij,” gaf hij later aan. Die gelijkwaardigheid maakte diepe indruk. Binnen de gemeente wordt bewust geen waarde gehecht aan status – of iemand nu uit de showbizz komt of een onbekende bezoeker is, iedereen wordt hetzelfde behandeld.
Voor Hofland, die uit een wereld kwam waarin uiterlijk vertoon en beleving centraal staan, bleek dat contrast confronterend. Hij beschreef hoe hij eerder onder de indruk was van “fantastisch, mooi, geweldig”, maar dat het hem uiteindelijk tegenstond toen het leven achter de schermen daar niet mee overeenkwam. In de Meerkerk zag hij iets wat volgens hem wél klopte met wat er op zondag werd gepredikt. Dat raakte hem. Vorige maand is hij na een Alpha-traject gedoopt.
De instroom blijft ondertussen doorgaan. “Afgelopen zondag kwamen er weer nieuwe mensen binnen. We zijn enorm dankbaar”


