“Want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen; en Hij is voor alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem.”(Col. 1:16-17)
Een messiaanse christen zei pas tegen me: “We moeten het Nieuwe Testament gaan lezen door de ogen van de Thora (Joodse bijbel), alleen dan begrijpen we het Nieuwe Testament. Ik begrijp een dergelijke opmerking wel, omdat we vaak de Bijbel uitleggen vanuit ons westerse denken. Toch moeten we heel de Bijbel lezen, niet vanuit ons denken, maar vanuit Gods denken. God zelf beziet ALLES door Christus en alles is door Hem gemaakt. “Alle dingen zijn door Hem geworden en zonder Hem is geen ding geworden, dat geworden is.” (Joh. 1:3).
Tekst: Dick Pieterman
Wat is het een openbaring als we de Bijbel door Jezus’ ogen gaan lezen! Niet langer vanuit aanklacht en veroordeling, maar vanuit het volbrachte werk van Christus! Het oude is voorbij, het nieuwe is gekomen. Het Oude Testament was slechts een voorafschaduwing van alles wat nog zou komen in Christus! We mogen nog steeds veel leren uit het Oude Testament, maar we moeten het wel verstaan dóór het volbrachte werk van Christus.
De brief aan de Hebreeën leert ons naar het Oude Testament te kijken door de ogen van het volbrachte werk van Christus, Gods genadebril. Hij bracht een volmaakt offer, Hij was een volmaakt mens, Hij is de volmaakte Hogepriester en Hij is het volmaakte, eeuwige nieuwe verbond. Door Christus wordt het eerste verbond opgeheven, om het nieuwe verbond te laten gelden.
“Hij heft het eerste (verbond) op, om het tweede te laten gelden. Krachtens die wil zijn wij eens voor altijd geheiligd door het offer van het lichaam van Jezus Christus.” (Hebr. 10:9).
De persoon van Christus en Zijn volbrachte werk, is de bril waardoor we de Bijbel moeten lezen! We lezen door de ogen van een volbracht werk. De Heilige Geest zal ons daarom altijd op Jezus wijzen, omdat Hij Gods totale en laatste boodschap is.
“Nadat God eertijds vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had in de profeten, heeft Hij nu in het laatst der dagen tot ons gesproken in de Zoon” (Hebr. 1:1).
Jezus is als het ware, Gods laatste woord, God heeft niets meer te zeggen, want alles wat Hij te zeggen had en te geven had is in en door de Zoon.
“want in Hem woont al de volheid der godheid lichamelijk; en gij hebt de volheid verkregen in Hem, die het hoofd is van alle overheid en macht.” (Col. 2:9-10).
Alles wat wij niet konden, kon Jezus. Alles wat wij niet deden, deed Jezus. Alles wat wij niet hebben heeft Hij. Hij is Degene Die alles volbracht (vervuld) heeft, en Hij is Degene door wie wij aanspraak mogen maken op onze erfenis en de beloftes die ons gegeven zijn. De Heer wil ons bewustzijn reinigen met Zijn bloed, opdat we niet meer een bewustzijn van schuld en zonde hebben, maar van Zijn vergeving, genade en welgevallen.
“hoeveel te meer zal het bloed van Christus, die door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos offer aan God gebracht heeft, ons bewustzijn reinigen van dode werken, om de levende God te dienen?” (Hebr. 9:14).
God wil niet dat we geestelijk eten van de boom van kennis van goed en kwaad, maar door Christus hebben we weer toegang tot de boom van het leven! Ons bewustzijn hoeft niet langer gericht te zijn op wat wij goed en/of kwaad doen, maar ons bewustzijn mag te allen tijde gericht zijn op wat Jezus volbracht heeft aan het Kruis! HIJ HEEFT HET GOED GEDAAN!
Wij hoeven niet langer onze zonden, onze ongerechtigheid, onze schuld en schaamte… enz. een belemmering te laten zijn bij God te komen, Hij is onze verlossing en vergeven. Daarom mogen we kijken naar de volmaaktheid, reinheid, heelheid, gerechtigheid van Jezus, waar wij deel aan mogen hebben, door geloof! Alles wat wij in het Oude Testament lezen, krijgt een andere kleur als we het lezen door het volmaakte offer dat Jezus bracht. Alle voorwaarden die er aan de oudtestamentische beloftes gekoppeld zijn, heeft Jezus vervuld, waardoor we in geloof en genade aanspraak mogen maken op onze erfenis! Jezus Christus is Gods totale “JA” op AL Gods beloften! (2 Cor. 1:20).
Om Gods genadebril te krijgen, is het belangrijk bijv. de Hebreeënbrief biddend te bestuderen. Wij zullen door deze brief gaan zien dat VRIJSPRAAK ons genadeoordeel is, omdat het bewijsstuk van onze zonden uitgewist is (Col. 2:14). De Heilige Geest zal ons openbaringen geven van het volmaakte verbond waar wij deel aan mogen hebben, door onze volmaakte Hogepriester en Zijn volmaakte offer!
Volmaakte verbond
Het thema van de Hebreeënbrief is, dat wij deel mogen hebben aan het nieuwe, volmaakte verbond en de volmaakte beloftes, door het volmaakte offer van Jezus, onze volmaakte Hogepriester (Hebr. 8:6). In Hem is het betere en volmaakte beschikbaar. Alle schaduwbeelden die in het Oude Testament genoemd worden, worden werkelijkheid in Jezus Christus. Jezus, is het betere, het volmaakte, het beste en de vervulling van alles wat beloofd wordt in het Oude Testament.
“Door Jezus hebben wij ook deel aan alles wat Hij volbracht heeft en is onze erfenis niet langer afhankelijkheid van onze gehoorzaamheid aan de wet(ten).”
Door Jezus hebben wij ook deel aan alles wat Hij volbracht heeft en is onze erfenis niet langer afhankelijkheid van onze gehoorzaamheid aan de wet(ten), maar van Jezus, die volmaakt gehoorzaam was en onze geloofsgehoorzaamheid aan Hem! Het is dan ook het doel van de brief om ons te waarschuwen niet terug te keren naar de wet en de oudtestamentische priesterdienst en instellingen.
Waarom zouden wij terugkeren tot de wet en zijn instellingen als in Jezus Christus het betere en volmaakte openbaar is geworden? Waarom zouden wij kiezen voor schaduwbeelden als we de werkelijkheid van deze beelden en beloftes tot onze beschikking hebben? Doordat wij een volmaakte Hogepriester hebben, is de weg tot de Vader en het heiligdom open voor ons! Wij hoeven het Oude Testament niet langer meer te lezen als slaven en onderworpenen aan de wet, maar mogen het lezen als vrijgekochte kinderen van de Vader.
Zonen en dochters
Wij zijn zonen en dochters door Zijn genade en kunnen het Oude Testament nu lezen door Jezus ogen; Hij heeft alles volbracht voor ons, en wij mogen deel hebben aan alles omdat wij door Christus heilig en rechtvaardig zijn! Wij zijn niet langer slaven, maar zonen en medearbeiders met Christus! Dit is wat de kerk moet weten: we zijn gemaakt tot een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk dat Gods eigendom is, om de grote daden van Hem te verkondigen! (1 Petr. 2:5,9).
Van slaven zijn wij niet ‘slechts’ tot zonen gemaakt, maar Hij heeft ons zelfs gemaakt tot koningen en priesters voor Zijn God en Vader (Opb. 1:6). Wij hebben niet alleen deel aan een beter verbond, met betere beloften, maar we hebben deel gekregen aan Christus en de hemelse erfenis.
“want wij hebben deel gekregen aan Christus” (Hebr. 3:14).
Laten we daarom, met vrijmoedigheid ons gedragen als zonen en door genade de Vader dienen.





