Evangelist Willem Fiege traint honderden mensen voor evangelisatie. Hij ziet dat God een gideonsleger aan het vormen is, een harde kern van mensen die zo vol geloof zijn dat ze gaan voor het winnen van zielen. Revive spreekt Willem in Revive Talk. “Evangelisatie hoeft niet leuk te zijn. Ik vind het soms ook niet leuk, maar ben je bereid om kapot te gaan voor Jezus?”
Willem groeide op in de Nederlands hervormde kerk. “Je moest het liefst lopend gaan naar de kerk, mocht niet buitenspelen op zonder, moest twee keer naar de kerk waar psalmen op hele noten werden gezongen. Er was veel prediking van de wet en de aanname dat God rechter is en niet overloopt van liefde of verlangen om mensen te redden.”
Ondanks dat had Willem als kind wel ervaringen met God. “Op de basisschool zongen we ‘Ik stel mijn vertrouwen op de Heer, mijn God’ en ik voelde in mijn hartje dat God echt is.” In zijn tienertijd ging hij naar een reformatorische school. “Ik was een jaar of dertien toen ik bij mezelf dacht: ‘Als Jezus is als de mensen om me heen, zo hypocriet, onecht en onvriendelijk, dan wil ik niets met Hem te maken hebben.’
Opgevoerde brommertjes
Willem zocht contact met de vrijgevochten jongens die op opgevoerde brommertjes in zijn dorp reden. “Ik begon met bier, toen volgde sterke drank en een joint. Toen ik veertien was, had een van de jongens xtc gekocht van een vrachtwagenchauffeur. Ik ben altijd thrillseeking geweest, ik houd van risico’s. Ik nam xtc, wat zo krachtig is dat je hele beleving op zijn kop gaat. Dit werd mijn nieuwe religie.”
Vanaf zijn veertiende gebruikt Willem steeds vaker en meer drugs. “Op mijn zestiende was ik verslaafd aan speed, coke, ghb. Op een avond in het weekend in augustus 2002 nam ik alcohol, coke, speed en xtc en danste in een club. Ineens voelde ik me niet lekker, ik voelde een system error in mijn lichaam.” Willem stort neer op straat en voelt zijn hartslag verdwijnen. “De fietsenmaker bracht me thuis in zijn bus en zo ontdekten mijn ouders dat ik verslaafd was. In het ziekenhuis lag ik op de behandeltafel en ik hoorde de arts zeggen: ‘hij blijft in leven of gaat sterven, ik kan er medisch niets aan doen’.”
Schietgebedje
“Ik was bijna achttien en besefte dat ik binnen een minuut voor de troon van God kon staan. Het flitste door mijn hoofd heen: ten diepste geloof ik dat er een God bestaat en als ik doodga, kom ik voor Zijn troon te staan. Ik ben drugsdealer, zit in een bende, breek in in huizen, pleeg geweld, ben racistisch; als het nu voorbij is, dan gaat het niet goed. Dat gaf grote angst en ik bad een schietgebedje: ‘Als U bestaat, help me, ik wil niet dood.’ Toen ik uit het ziekenhuis kwam, had ik grote stress en daardoor ging ik meer gebruiken. Maar er was wel een verschil. Ik had het overleefd. Zou dat toeval zijn of heeft God me gered?”
Willem gaat op zoek naar God. “Ik bad stiekem, dat ging een paar maanden zo door. Toen er in de hervormde kerk een evangelische musical werd opgevoerd – dat is een keer gelukt, daarna werd het verboden – had ik een ontmoeting met God. Ik ervoer Zijn aanwezigheid in die zaal en kreeg kippenvel. Wat ik toen ervoer, was sterker dan alle harddrugs bij elkaar en ik hoorde een stem in mijn hart die zei: ‘Als je wilt veranderen, geef je hele leven aan Jezus’. Ik wist drie dingen meteen zeker: A, dit is God; B, dit is de waarheid en C, dit is heel urgent. Als ik dit laat gaan, is waarschijnlijk mijn kans voorbij.”
Enorme strijd
“Thuis op mijn slaapkamer, zittend op mijn bankje dacht ik: wat nu? Mijn leven is miserabel, ik ben verslaafd, depressief, vol boosheid, frustratie, negativiteit, ik begon paranoia te worden. Je leven overgeven is het allermoeilijkste wat je kunt doen, het is een enorme strijd. Ik heb twintig minuten zitten worstelen met het zweet op mijn voorhoofd. Toen zei ik: ‘Jezus, hier is mijn leven. Mijn lijstje met zonden is lang en ik weet niet hoe een leven met U eruit ziet, maar geef me dat’.”
“Ik voelde dat er een golf van binnen naar binnen sloeg en mijn hart binnenklapte. Ik had geen idee wat er gebeurde, maar ik voelde die liefde en dacht: wat voor pillen heb ik op?” Willem vertelt niemand iets en gaat slapen. “Ik word wakker en had zo’n verlangen om de Bijbel te lezen. Ik zocht mijn bijbeltje dat ik op de lagere school gekregen had en ik had ook zo’n verlangen om te bidden. Mijn verlangen naar drugs was weg, mijn depressie was weg. Ik was cold turkey van de drugs en depressie af en stond helemaal in de fik. Vanaf het begin kon ik niet zwijgen over Jezus.”
Held uit de hemel
Veel christenen vinden evangeliseren, hoe komt dit? “Ze beseffen niet wat Jezus heeft gedaan. Hoe kun je zwijgen over deze Held die uit de hemel kwam en zich kapot liet maken voor jou?” Ook in de kerk is angst, ziet Willem. “De kerk heeft heel lang gefunctioneerd in een angstmodus, dat is wat ik observeer.” Een van de opvattingen is bijvoorbeeld: nieuwgelovigen moet je beschermen tegen de boze wereld, je moet hen naar binnentrekken, terwijl je ze juist aan het werk moet zetten, laten evangeliseren. Als ze gaan praten over hun geloof worden ze supersterk.”
“De kerk zegt ook: ‘We hebben heel veel wijsheid nodig en moeten onszelf beschermen om niemand aanstoot te geven in deze maatschappij, want straks komt er christenvervolging en gaan we vijanden maken.’ We zijn in een safetymodus gekomen om ons eigen voortbestaan, daardoor hebben we zoveel terrein verloren. Er zijn zoveel dingen gebeurd in Nederland waar de kerk zich over had moeten uitspreken. We hebben dat niet gedaan en daardoor zijn we onze relevantie verloren.”
Gideonsleger
Toch is Willem niet moedeloos. “Ik zie dat God een gideonsleger aan het vormen is, een harde kern van mensen die zo vol geloof zijn en vol van de waarheid van geloof dat ze zonder vrees preken. Ik geloof in een grote uitstorting van de Heilige Geest. Het wordt een grote surprise voor de wereld dat de kerk uit de as zal verrijzen.”
Dit vraagt een keuze. “Ben je bereid om kapot te gaan voor Jezus? Ben je bereid om de prijs te betalen, mag het je wat kosten? Ben je bereid om in je gezicht gespuugd te worden, ben je bereid om een blauw oog te krijgen voor Jezus of een bloedneus? Mogen ze je kleren kapotscheuren voor Jezus? En ik denk dat we die vraag moeten beantwoorden met ‘ja’, want Hij is het waard.
Bekijk het hele interview:





