In Nederland en ver daarbuiten ziet Gilbert Thera een beweging ontstaan die hij herkent als een werk van de Heilige Geest: jongeren die zich verzamelen voor gebed, aanbidding en toewijding .Hij stond afgelopen jaren aan het hoofd van Youth.Opwekking en het aantal jongeren bij de dienst is nu drie keer groter dan voorheen. Aan dit jongerenwerk is een uitbouw toegevoegd: Upperroom. Het concept: de hele nacht bidden met jongeren van 16-25 in de bunkers en hangars van vliegveld Twenthe. “Ik hoop dat ik het wakker houdt”, lacht hij.
“Bij 24/7 prayer Rotterdam zie je jongeren die in grote getale samenkomen om te bidden. Datzelfde zie je ook bij Roots in Harderwijk.In Engeland gebeurt hetzelfde: jongeren die ’s avonds de kerk ingaan om Gods aangezicht te zoeken. Je ziet simpelweg: Hij is aan het bewegen. Wij willen dat herkennen, erkennen én meebewegen. Onze vraag is: ‘Heer, wat mogen wij doen om in te stappen in wat U al aan het doen bent?’”
De tagline van Upperroom drukt dat verlangen uit: Jezus Die voortdurend voor je bidt.
“Alles begint bij Zijn liefde voor ons. Wat wij doen is slechts antwoord geven op wat Hij al heeft ingezet.”
“Deze generatie wil vast voedsel”
Thera blikt terug op een keerpunt bij Youth Opwekking. “We staan op de schouders van Youth Alive, die de jongeren van Opwekking eerder leidden. We mogen verder bouwen waar zij zijn gestopt. We zeiden we tegen elkaar: wat heeft deze generatie nú nodig? Wat vraagt God vandaag? Eén ding was duidelijk: ze willen vast voedsel. Niet alleen twintig minuten inspiratie, maar diepte.”
Dat inzicht veranderde veel. “Vroeger zag je dat jongeren na de worship halverwege de preek wegliepen. Daarom hebben we het omgedraaid: eerst aanbidding, daarna de preek, en dan opnieuw aanbidding. We merkten dat ze bleven – sterker nog, het werd drukker. Er ontstond een honger naar het Woord, naar waarheid.”
Zes jaar geleden zaten we op 5.000 à 7.000 jongeren bij de dienst tijdens Opwekking. Dit jaar waren het er tijdens de drukste dienst 22.000. De grote tent stroomde vol met jongeren die het Woord wilden horen en God wilden zoeken. Ook daar zie je diezelfde beweging.”
Upperroom: ruimte maken voor Gods heiligheid
Vanuit datzelfde verlangen is Upperroom opgebouwd. “We willen één ding: ruimte maken voor God. We beginnen met aanbidding en met het besef van Zijn heiligheid. We zijn nog lang niet waar Hij ons wil hebben, maar als we vragen: ‘Heer, wat is er in mijn leven nog niet tot eer van Uw Naam?’, dan ontdekken we opnieuw de grootheid van Zijn genade.”
“Honderden jongeren komen. We hebben het ingericht op 1.500 tot 1.800, maar het gaat richting de 2.000. En we kunnen schalen: twee ruimtes, één main auditorium. Jongeren blijven komen.”
Een nacht die doorloopt tot de ochtend
Upperroom kiest daarom voor vier diensten, elk met een korte preek, om zoveel mogelijk tijd te geven aan gebed, worship en verootmoediging. “De diensten duren twee, misschien tweeënhalf uur. En daaromheen zijn seminars en stille plekken. Alles moet wijzen naar God. Als iemand wil bidden, aanbidden of zoeken in stilte: dat moet allemaal kunnen.”
Zelf ziet hij de fysieke uitdaging – met een glimlach. “Er staan veldbedden klaar. Maar als ik twintig zou zijn, zou ik de hele nacht wakker blijven. Ik weet niet wat er gaat gebeuren, maar ik heb er ongelooflijk veel zin in. Het voelt alsof we op de eerste rij mogen zitten voor wat God door deze jongeren heen doet.”
De lijn van de avond: ontzag, verootmoediging en toewijding
De hele nacht volgt een duidelijke geestelijke lijn, geïnspireerd door Jesaja 6.
“Ontzag voor wie God is. Het besef van onze eigen gebrokenheid. En dan die vraag van God: ‘Wie zal Ik zenden?’ God houdt van deze wereld. Hij wil dat Zijn kerk het bekendmaakt. Het draait om toewijding, om heiliging – woorden die we niet vaak meer gebruiken, maar die essentieel zijn. Heiligen betekent: leren leven in Zijn ritme van genade.”
Hij trekt een vergelijking met de discipelen die moesten wachten op de Heilige Geest.
“Zij wisten niet dat het tien dagen zouden worden. Ze hadden maar één woord: ‘Wacht.’ En dat deden ze. Dat is wat wij ook willen. We hebben een hele lijn, maar boven alles: we wachten op God. Hij gaat bewegen.”





