De Indonesische evangelist Philip Mantofa is al jaren een bekende stem binnen het Aziatische christendom. Mantofa is verbonden aan GMS Church in Surabaya, een van de grootste pinksterkerken van Indonesië. Hij werd wereldwijd bekend door een visioen dat hij op jonge leeftijd zegt te hebben gehad: een intense, grafische ervaring waarin hij naar de “hel” werd geleid. Na die ervaring, vroeg God Mantofa om hiervan te getuigen. Het resultaat: bomvolle altaars van mensen die Jezus aannamen.
Het getuigenis vormt de kern van zijn evangelisatiecampagnes. Overal waar hij spreekt, sluit hij af met een duidelijke oproep: keer om, kies voor Jezus. Tijdens campagnes in Maleisië kwamen honderden tegelijk naar voren om voor het eerst hun leven aan Christus te wijden. Doopdiensten volgden meteen daarna; in één campagne werden ruim 160 mensen spontaan gedoopt.
Mantofa zelf spreekt van grote aantallen. In interviews en biografische teksten wordt verwezen naar 100.000 tot 200.000 bekeringen die hij persoonlijk zou hebben meegemaakt. Het zijn indrukwekkende cijfers. Waar ging het getuigenis precies om?
Een nacht die alles veranderde
Mantofa vertelt in de onderstaande video: “Het gebeurde in de vroege uren van 1 januari 2000. Mantofa lag naast zijn vrouw te slapen toen hij plotseling, volledig bij bewustzijn, ontdekte dat hij zich niet meer in zijn slaapkamer bevond. “Ik was helder, ik dacht logisch, ik voelde mijn huid, alles werkte. Maar ik was niet waar ik hoorde te zijn.”
Hij stond in een omgeving die hij niet kon vergelijken met iets wat op aarde bestaat: geen lucht, geen beweging, een allesdoordringende stank die, zoals hij zegt, “een mens letterlijk zou kunnen doden”. Achter hem hoorde hij een stem die hij onmiddellijk herkende: de stem van Jezus. “Je bent hier door mijn wil. Ga. Ik zal je laten zien wat je moet vertellen.”
De poort van dood en marteling
Na een lange tocht kwam hij bij een immense, witte poort met bovenop woorden die hij bovennatuurlijk kon lezen. Ze verwezen, zegt hij, naar “de vallei van dood en pijn”. Toen de deur vanzelf openschoof, werd hij overspoeld door het geluid van miljoenen stemmen: schreeuwen, smeken, vloeken — een chaos van menselijke wanhoop.
“Het brak mijn hart. Ik voelde de duisternis niet alleen om mij heen, maar als een kracht. De atmosfeer droeg de toorn van God.”
Mantofa besefte volgens eigen zeggen dat hij stond bij de plaats die in Openbaring wordt beschreven als de verblijfplaats van de doden vóór de witte troon. Ver weg zag hij rook opstijgen — een aanwijzing van een vuurzee die hij niet kon zien, maar waarvan hij de gloed waarnam.
‘Dit was geen oordeel, dit was afrekening’
Wat hij zag, noemt hij niets minder dan ondraaglijk. Mensen — levend, bewust, met volledig besef — zouden er gefolterd worden door demonische geesten die hen in het leven hadden verleid met zonde. “Dit was geen oordeel door God. Dat komt later. Dit was afrekening. De duivel speelt met hen.”
De foltering, zegt hij, was afgestemd op de zonde die mensen in hun aardse leven vasthield. Hij verwijst naar de woorden van Jezus over het uitrukken van een oog of het afhakken van een hand wanneer die tot zonde leidt. “Daar begreep ik waarom Hij dat zo radicaal zei.”
Het beeld bracht hem bijna fysiek om het leven. “Als God mij die nacht geen kracht had gegeven, was ik gestorven in mijn slaap.”
De last om te spreken
Na deze ervaring werd hij ziek, door de intensiteit van wat hij had gezien. Wekenlang moest hij overgeven wanneer hij eraan dacht. Toen de Heilige Geest hem opriep om dit te delen tijdens een grote campagne, protesteerde hij. “Heer, waarom ik? Mensen noemen mij al een valse profeet.”
Toch gehoorzaamde hij. Tijdens de eerste campagne renden honderden mensen naar voren om Jezus aan te nemen zonder dat hij een bekeringsoproep deed. Maar een gezicht dat hij tegelijkertijd zag, bleef hem achtervolgen: zeven jongemannen op de balkonverdieping die grinnikend met elkaar praatten terwijl hij sprak. In een korte, scherpe visioen zag hij hen hand in hand in het vuur springen.
“Er kwamen duizenden tot geloof die drie avonden. Maar die zeven braken mijn hart. Ik weet niet of ze ooit nog openstaan voor een waarschuwing.”
Een boodschap die niet populair is — maar wel dringend
Mantofa merkt op dat in grote delen van de westerse wereld de hel wordt gezien als een grap, een metafoor of een fictief concept. Hij waarschuwt dat deze luchtigheid mensen slaapwandelt richting een werkelijkheid die volgens hem akelig reëel is.
“Ik vertel wat ik heb gezien. Als mensen het geloven of niet geloven — dat ligt niet in mijn macht. Wat ik wél weet: mijn handen zijn schoon. Ik heb het gezegd.”
Het kruis krijgt gewicht
Voor Mantofa bevestigde deze ervaring hoe diep en ernstig het evangelie werkelijk is. “Als Jezus zo’n verschrikkelijke, vernederende dood moest sterven, dan moet er iets onmetelijk ergs zijn waarvan Hij ons wilde redden. We mogen zonde niet licht opnemen.”
“Het evangelie is urgentie. Het is redding. Het is liefde. En als mijn leven het kost, dan is het dat waard — als Christus maar één mens redt van die plaats.”





