Ze groeide in de Biblebelt, in een niet-gelovig maar liefdevol gezin. Thuis was er rust, op school pesterijen. Eens werd ze zelfs in elkaar geslagen. Ze voelde zich eenzaam en verloren en dacht zelfs haar achttiende levensjaar niet te halen. En altijd was er die vraag: is er meer dan dit leven? Maar toen nodigde Jorja Monshouwer (22) zichzelf uit om mee te gaan naar de kerk en dat veranderde haar leven. Waar ik vroeger niet eens een toekomst voor me zag, kijk ik er voor het eerst naar uit!”
Jorja groeide op een niet-christelijk gezin in de Biblebelt, in Voorthuizen. “Mijn vader ging als kind wel met zijn ouders naar de kerk en ook in mijn moeders gezin was het geloof aanwezig. Mijn ouders waren heel vrij in de opvoeding van mijn zus en mij. Mijn moeder zei vaak: ‘Het maakt niet uit wat je doet of waar je voor kiest, als je gelukkig bent staan wij achter je.’ De normen en waarden waar ze ons mee opvoedden, zijn de normen en waarden die christenen ook hebben. In dat opzicht heeft God iets in hun hart gelegd, zonder dat zij het beseften. Het was een liefdevol thuis, maar zonder geloof.”
Op de basisschool en middelbare school wordt Jorja enorm gepest. “Ik ben niet op mijn bekkie gevallen en kwam voor mensen op die dat zelf niet deden.” Jorja wordt belachelijk gemaakt vanwege haar gewicht. “Ik trok het me aan en het maakte me heel onzeker. Doordat ik niet om kon gaan met emoties, zocht ik troost in eten. Ik was een enorme emotie-eter.” Het heftigste moment is de keer dat ze op de basisschool in elkaar wordt geslagen.
Anorexia
Tijdens de coronaperiode sluiten de scholen, wat voor veel kinderen moeilijk is. “Voor mij was het juist fijn, een rustpunt. Heel veel dingen die verplicht waren, vielen weg; het voelde als een trein die superhard ging en ineens werd stilgezet.” Jorja gaat zich focussen op voeding. “Het werd een toevlucht. Ik ging van het ene uiterste in het andere, van binge-eating naar anorexia. “Ik was heel erg zoekende. Ze begint met zelfhulp, met het lezen van boeken die zouden leiden tot heling. Mijn moeder zei altijd: ‘Ga in je eigen kracht staan’ en dat probeerde ik te doen, want ik wilde van mijn probleem af. Langzamerhand belandde ik in de new age. Hierin beschouw je eigenlijk jezelf bijna als God en geloof je dat alles vanuit je eigen ik komt”
Naast de eetstoornis ontstaan er ook gedragsproblemen. “Ik kon helemaal niet normaal omgaan met mijn emoties. Als ik boos was, was ik heel boos; was ik verdrietig, dan was ik heel verdrietig en voelde ik me blij, dan voelde ik me heel blij. Ik schoot in alle uitersten en had geen idee wat er gebeurde. Om van mijn eetstoornis af te komen, heb ik me laten opnemen in een kliniek.”
Vragen
In de jaren die volgen, krijgt Jorja regelmatig therapie. “Ik was heel erg zoekende. Ik wist dat er meer was, maar wat was dat dan? Ik woonde in een heel christelijk dorp, het was niet dat ik nooit over God gehoord had. Maar ik zat op de enige openbare school in de omgeving en de basisbijbelverhalen die elk kind wel leert, kende ik niet.”

Jorja gaat vragen stellen aan leeftijdsgenoten die op de school naast die van haar zitten, een christelijke. “Ik voelde me anders en had het gevoel dat zij zich beter voelden dan ik, omdat ik niet gelovig was. En ik was heel nieuwsgierig hoe dat nou zat. Daarom vroeg ik of ik een keer mee kon naar de kerk. Natuurlijk, was de reactie, maar niemand nam me bij de hand. Het leek alsof ik steeds tegen een muur opliep. Mijn beste vriendin, met wie ik tien jaar bevriend ben, is gelovig, maar ze sprak er niet vaak over omdat ik daar toch anders in stond. Ik denk dat we elkaar in waarde lieten en ze deelde niet wat God voor haar had gedaan. Totdat ik zei: ‘Ik heb een gekke vraag, kan ik een keertje met jou mee naar de kerk?’”
Ontlading
De eerste keer dat ze een kerk bezoekt, kan Jorja zich heel goed herinneren. Ze is dan twintig. “Tijdens de worship begon ik meteen te huilen. Het was echt een ontlading. Tijdens die dienst heb ik heel aandachtig geluisterd. Het raakte me allemaal en het voelde als thuiskomen.”
Ze moet het even verwerken en na twee maanden wil ze opnieuw een keer me. “Vanaf dat moment ben ik nooit meer weggegaan.” Jorja gaat ook naar een connectgroep. “Ik wist niet wat me overkwam, ik voelde de Heilige Geest zo sterk.” Kort daarna laat Jorja zich dopen. “Mijn ouders waren daarbij, dat was heel bijzonder. Voor hen was het best wel onverwacht dat ik gelovig werd.” Wat ze niet verwacht is dat na de doop de strijd losbarst. “Mijn eetstoornis kwam ongekend hard terug, als geestelijke strijd in mijn hoofd. Ik ging weer heel erg op zoek naar controle. Het leek wel alsof de keuze voor mijn doop zo’n statement was in de geestelijke wereld, dat ik meteen doelwit was van aanvallen.”
“Het is voorbij”
Jorja weet dat ze de strijd niet alleen hoeft te voeren. “Dat deed Jezus voor mij. Er hebben heel veel mensen voor mij gebeden.” Tijdens een jongerenavond legt ze alles voor God neer. “Het was echt alsof Jezus tegenover me stond en zei: ‘Het is voorbij’. Het was een heel bijzonder en intiem moment. Mijn beste vriendin zag het gebeuren, ze zag dat dingen verbroken werden. Sindsdien heb ik er geen last meer van gehad.”
Omdat Jorja merkt dat ze fundamentele basiskennis van het geloof mist, besluit ze zich er verder in te verdiepen. Ze volgt de discipelsschapscursus Roots bij New Wave Veenendaal. Een van de principes die ze leert toepassen is vergeving. “Ik dacht dat ik de pesters had vergeven tijdens therapie, maar eigenlijk bleek dat niet zo te zijn. Ik leerde dat ik de macht opgaf om mijn recht te halen. Daar kreeg ik zoveel vrijheid door, dat was heel bijzonder om te ervaren. Ik mocht ook mijn getuigenis delen. Hier werden veel mensen door geraakt, waardoor zij ook weer mensen konden vergeven. Het was heel spannend om mijn verhaal te delen, maar ik zag ook wat God ermee wilde; dat meer mensen zouden worden vrijgezet.”
Licht
Haar ouders hebben haar echt zien veranderen, vertelt Jorja. “Ik was een onrustige dochter, nu heb ik veel meer rust. Mijn moeder was heel betrokken, al gaf het verschil van standpunten ook weleens wrijving. Ik vraag haar af en toe mee naar speciale bijeenkomsten en een tijdje later zei ze ineens tegen mij: ‘Ik ga de Alpha Cursus doen’. Ik kon wel gillen van blijdschap maar bleef heel rustig. Nu liggen er ineens drie Bijbels in huis en ik zie hoe de Heer werkt in haar leven, door de mensen die op haar pad komen en het feit dat ze zich echt gezien voelt. Ik bid dat zij ook echt tot geloof mag komen. Het is heel bijzonder om in een niet-gelovig gezin licht te zijn zoals de Bijbel beschrijft.”
Jorja kan niet meer goed terughalen hoe het leven zonder God voor haar was. “Ik voelde me echt heel eenzaam, opgesloten. Ik zag geen toekomst. Toen ik terugkwam uit de kliniek werd ik achttien, maar ik heb heel lang gedacht dat ik dat niet eens zou worden. Als mijn leven toen gestopt was, had ik het niet erg gevonden.”

Achteraf ziet ze dat God er in haar worstelingen met het leven bij was. “Ik zie dat Hij me echt heeft opgevangen, op momenten dat ik het niet door had. Zo refereerden ze in de kliniek aan een hogere macht. Ik moest erkennen dat ik mijn problemen niet alleen kon oplossen. Nu weet ik dat ik het zonder God niet kon en kan. Als ik een probleem heb, ga ik naar Hem, want als ik het heft in eigen handen neem, dan komt het negen van de tien keer niet goed. Vroeger zei mijn moeder: ‘Ga in je eigen kracht staan’. Nu zegt ze: ‘Ga zitten met God’. Ze ziet hoe belangrijk ik Hem vind en hoe hard ik Hem nodig heb om mijn rust te bewaren en met Hem te wandelen.”
Wat Jorja in God gevonden heeft, wil ze ook weer uitdelen. “In maart ga ik helpen bij het geven van de Alpha Cursus. In oktober start Roots weer en daar hoop ik ook onderdeel van te mogen zijn.” Dat ze ooit zo het leven zou omarmen, had ze niet kunnen dromen. “Ik heb gewoon weer een toekomst waar ik over na mag denken. Waar ik die vroeger niet eens voor me zag, kijk ik er voor het eerst naar uit!”





