Joshua Prins groeide op in een christelijk gezin binnen de pinksterbeweging, een geloofsgemeenschap die hij later als een sekte zou beschrijven. “Ik was extreem bang voor God, en dat is nooit de bedoeling.” Een aantal jaar later komt Joshua op straat terecht en belandt hij diep in de criminaliteit. Maar maakt uiteindelijk een radicale keuze voor God. In een interview met Hour of Power deelt hij hoe zijn leven volledig werd getransformeerd door het zoeken naar Gods gerechtigheid.
Joshua had een moeilijke jeugd. “Mijn ouders hadden goede bedoelingen, maar de gemeente waarin we ons in bevonden was erg invloedrijk, en ik voelde me vaak veroordeeld.” Op tienjarige leeftijd verliet zijn vader het gezin. Vier jaar later zette zijn moeder hem het huis uit. Hij zwierf rond, sliep her en der, en kwam uiteindelijk in de jeugdzorg terecht. Daar raakte hij geïsoleerd tussen jongeren met heftige criminele en traumatische achtergronden. “Zij hadden extreme dingen meegemaakt, en ik had een beetje mijn dingetje: fietsen maken.” Maar zelfs dat werd hem afgenomen. Zijn medebewoners vernielden zijn fietsen keer op keer. Toen hij dit bij de leiding aankaartte, werd hij opnieuw teleurgesteld. “Ik had geld op mijn kamer liggen, maar na een controle door de leiding was het verdwenen. Toen kon ik niemand meer vertrouwen.”
Mijn hart klopte in mijn keel”
De negatieve spiraal trok Joshua steeds verder mee. “Als je tussen criminelen zit, word je er zelf een.” Hij begon met inbraken en berovingen, en zijn groep werd steeds groter. “We handelden in illegale spullen, wapens, en pleegden overvallen.” Zijn web van leugens en criminaliteit breidde zich uit. Joshua vertelt dat hij anderen manipuleerde om voor hem te stelen en speelde mensen tegen elkaar uit. “Op een gegeven moment had ik een jongen laten beroven. ‘s Avonds zouden we de buit verdelen, maar ik ging er al eerder heen om alles zelf weg te halen. Vervolgens beschuldigde ik de rest ervan dat zij mij hadden bedrogen.”
Aanraking met God
Toen Joshua achttien werd, moest hij uit de jeugdzorg. Hij ging bij zijn oom en tante wonen, en zijn oom nodigde hem uit om mee naar de kerk te gaan. “Ik dacht: de kerk is niks voor mij, ik had gezien dat het niet werkte.” Toch besloot hij uit respect mee te gaan. Tijdens de dienst sprak evangelist Herman Boon. “Mijn hart klopte in mijn keel. Hij riep: ‘Bekeer je, maak alles in orde!’ Die woorden galmden de hele dag door mijn hoofd.” Die nacht bad Joshua oprecht tot God. “Als U bestaat, hoe kan ik dan ooit alles in orde maken?” Voor het eerst hoorde hij een antwoord: ‘Als je doet wat Ik wil, zal Ik je beschermen.’
De volgende ochtend besloot Joshua opnieuw een conferentie te bezoeken en hoorde de bijbeltekst Romeinen 8:31: ‘Als God voor je is, wie zal tegen je zijn? Joshua had een aanraking met God maar het ging niet direct goed. “Dan kom je eigenlijk op een punt waar juist heel veel strijd ligt. Het gaat alleen maar goed als het allemaal rustig door kabbelt, maar als je met Jezus in aanraking komt kan het zo maar is zijn dat je hele wereld op de kop gaat.”
Gerechtigheid
Op een dag kreeg Joshua een duidelijke boodschap van God: maak alles in orde. Hij besefte dat hij zijn daden moest rechtzetten. Joshua besloot de gestolen spullen terug te brengen naar de jongen van wie ze waren gestolen. “Ik zei tegen hem dat ik geloof dat God van gerechtigheid houdt. Ik zoek vanaf nu Zijn koninkrijk. Die jongen was met stomheid geslagen, hij liep zo maar weg. Een hele vreemde reactie, omdat er altijd wel wordt afgerekend. En ik dacht dat hij me nog wel eens zou pakken, maar er gebeurde nooit wat.”
Joshua ging nog een stap verder: hij gaf zichzelf aan bij de politie. “Ik moest testen of het echt God was die in mijn leven bewoog.” Hij bekende alles, maar tot zijn verbazing werd hij niet veroordeeld. “Na tien minuten kwam de politie terug en zei: alle zaken zijn geseponeerd.”
In slechts twee weken was Joshua’s leven radicaal veranderd. Hij besloot van zijn passie voor fietsen zijn beroep te maken en werd mobiele fietsenmaker. “Waar ik ook kwam, vertelde ik over Jezus. Mijn slogan was: de fietsenmaker met goed nieuws.” Uiteindelijk koos Joshua volledig voor God. “Heer, neem mijn leven en gebruik het zoals U wilt.” Joshua vertelt dat God opnieuw tot hem sprak om een bijbelschool te gaan volgen. In september start hij op de bijbelschool. “Ik zoek het koninkrijk en zijn gerechtigheid, Jezus is de bron. Onze taak is om zijn koninkrijk zichtbaar te maken hier op aarde. Mijn advies is ook, als je het allemaal niet meer weet, zoek God, zoek Zijn wil, Zijn gerechtigheid, alles waar jouw hart naar uit gaat zal dan naar jou toekomen in plaats van dat je erachteraan rent.”

