De afgelopen weken zijn de spanningen rond het Israëlisch-Palestijns conflict opnieuw op scherp gezet. Niet alleen door de situatie in Gaza, maar ook door reacties hier in Nederland. Een lezing van evangelist Oscar Lohuis werd ruw verstoord door pro-Palestijnse demonstranten, wat velen schokte. Tegelijkertijd schreef Leon de Winter een scherpe column in De Telegraaf, waarin hij stelde dat de solidariteit van moslims met Gaza vooral voortkomt uit jodenhaat – en dat het leed in Soedan nauwelijks aandacht krijgt, omdat daar geen Joden bij betrokken zijn.
Deze gebeurtenissen roepen diepgaande vragen op – over antisemitisme, christelijke solidariteit met Israël, en onze houding tegenover Palestijnse medemensen. Maar als we alleen reageren vanuit reflexen of heilige verontwaardiging, missen we de kans om in deze complexe werkelijkheid iets van Gods Koninkrijk zichtbaar te maken.
De Winter raakt aan een pijnlijk punt: de media-aandacht voor Gaza lijkt inderdaad groter dan voor andere – vaak bloedigere – conflicten, zoals dat in Soedan. Ook is het waar dat antisemitisme reëel is, ook in Nederland, en dat het onder bepaalde groepen toeneemt. Christenen hebben alle reden om waakzaam te zijn voor het opflakkeren van haat tegen het Joodse volk.
Maar om alle solidariteit met Palestijnen te herleiden tot antisemitisme is een versimpeling van de werkelijkheid. Het conflict tussen Israël en de Palestijnen is geen puur religieuze strijd, maar een diepgewortelde geschiedenis van land, identiteit, trauma en politiek onrecht. Er is veel woede, ja, en die kan uitmonden in haat – maar niet elke demonstrant of criticus is een antisemiet.
Bovendien: kritiek op het beleid van de staat Israël is niet hetzelfde als haat tegen Joden. Dat onderscheid is fundamenteel – en ook bijbels. De profeten in het Oude Testament schroomden niet om het leiderschap van Israël aan te spreken op onrecht. Jezus zelf ging daarin verder: “Wee u, schriftgeleerden en farizeeën, huichelaars!” (Mattheüs 23). Liefde voor Israël mag nooit leiden tot het blind verdedigen van alles wat onder haar naam gebeurt.
Recht
Wat Oscar Lohuis en zijn toehoorders meemaakten in Zaltbommel was ernstig: intimidatie, scheldpartijen, dreiging. Zulke daden verdienen duidelijke afwijzing, zowel juridisch als moreel. Maar juist in zo’n gespannen situatie is het belangrijk dat wij als christenen niet zelf de polarisatie versterken. Te vaak wordt er gesproken over “wij en zij”, over “de vijand” die opkomt tegen Gods volk. Daarmee zetten we mensen die om recht voor Palestijnen vragen, automatisch weg als duister of demonisch.
Maar als wij werkelijk geloven in het Koninkrijk van God – waarin Christus heerst over alle volkeren – dan mogen we niet blijven denken in kampen. Dan zijn we geroepen om verder te kijken dan culturele of religieuze tegenstellingen.
Het Koninkrijk roept ons tot een andere houding!
De houding die Jezus ons leert, is radicaal anders dan die van deze wereld. “Heb uw vijanden lief; zegen hen die u vervloeken” (Mattheüs 5:44). Dat betekent ook: heb Palestijnen lief. Heb hun kinderen lief, hun angsten, hun hoop op vrede. Jezus stierf ook voor hen. En laten we eerlijk zijn – het lijkt soms wel alsof christenen met meer vuur hun gelijk willen halen dan hun naaste willen liefhebben.
De geestelijke strijd is reëel. Maar onze wapens zijn niet vleselijk – ze zijn geestelijk. “Wees krachtig in de Heere en in de sterkte van Zijn macht” (Efeze 6:10). Onze overwinning ligt niet in publieke opinie, maar in het blijven staan in waarheid, recht en liefde. De ware geestelijke overwinning is wanneer we niet toegeven aan angst, vijandsdenken of haat, maar in geloof en genade blijven wandelen – ook tegenover wie ons tegenstaat.
Waarheid en genade, voor Jood én Palestijn!
We blijven bidden voor Israël – voor haar veiligheid, haar roeping, haar verlossing in de Messias. Maar we bidden ook voor de Palestijnen – voor hun recht, hun veiligheid, hun verlossing in diezelfde Messias. En bovenal: we bidden dat de gemeente van Jezus Christus in deze tijd het licht van Zijn Koninkrijk zichtbaar maakt. Niet door te roepen over oordeel, maar door recht te doen, trouw te zijn, en ootmoedig te wandelen met onze God (Micha 6:8).
Laat ons niet reageren uit overgevoeligheid of ideologische reflexen. Laten we reageren uit liefde. Liefde voor Israël. Liefde voor de Palestijnen. Liefde voor de waarheid. En liefde voor Hem die vrede is, en die ons geleerd heeft:
“Zalig zijn de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.”
– Mattheüs 5:9





