Een vechtscheiding, misbruik en een oogziekte die hem langzaam blind maakt. De jeugd van Martien Wijnen kost hem veel. Om de controle terug te krijgen, gaat hij op zoek naar genezing en belandt hierdoor in new age. Totdat hij met zijn auto tegen een paaltje rijdt en zijn ongelovige vriendin voorstelt om dan God maar om hulp te vragen.
Martien is op het moment dat we hem spreken twee maanden in Indonesië, vanwege een oogziekte die op zijn veertiende werd ontdekt en die tot blindheid kan leiden. In het Aziatische land zijn de omstandigheden beter voor zijn gezondheid: een rustiger tempo, biologisch eten, minder tl-buizen, meer licht. Hij is in afwachting van een operatie die in juni plaats zal vinden. Hij deelt het evangelie en doet Bijbelstudie samen met anderen. Hij onderneemt online en neemt tijd om in de zon zijn verhaal te vertellen.
Martiens ouders scheiden als hij vijf is. “Er was sprake van een vechtscheiding. Ik stelde me op als mediator tussen mijn ouders.” Op achtjarige leeftijd krijgt Martien te maken met misbruik. En op zijn veertiende krijgt hij een zeldzame oogaandoening die tot blindheid kan leiden, iets wat schudt aan de grondvesten van zijn bestaan. “Op het moment dat mij werd verteld dat ik ongeneeslijk ziek ben, ging ik op zoek naar waarheid en naar genezing. Ik geloofde dat alles maakbaar is en dat je jezelf kunt genezen.”

Gezondheidsfreak
Na zijn middelbareschooltijd studeert hij health and food innovation business aan de universiteit. “Ik werd een gezondheidsfreak. Aan de ene kant ging ik richting wetenschap door gezond te eten, goed te slapen, aan de andere kant geloofde ik dat ik kon genezen door vanuit karma dingen recht te zetten, te visualiseren, regressietherapie te doen, goeroes te volgen, ayahuasca te drinken (hallucinerende thee); Het was best wel gek: mijn sciencebased opleiding versus new age.”
De opgedane kennis gebruikt Martien om een onderneming te bouwen. “Mijn eerste bedrijfje was de verkoop van slaapsupplementen waarvan de werking wetenschappelijk onderbouwd was. Dat was in de coronaperiode. Anderen zagen mij ondernemen en stelden er vragen over, daarom ging ik ondernemers helpen bij het opzetten van businesses.”
Controle
Achteraf ziet Martien wat hem dreef. “Werelds gezien ging het goed met mij. Ik haalde mijn master, reed nog auto ondanks dat mijn zicht achteruitging en verdiende prima. Daaronder zat veel pijn en leed van vroeger, het kind met trauma en ellende dat zichzelf wilde fixen. Ik ben jaren heel diepgegaan, ik wilde de controle houden.”

Op een zondagochtend wordt Martien bijna letterlijk stilgezet. “Ik was onderweg naar de sportschool, maar raakte een paaltje met de auto. Op dat moment besefte ik dat het niet meer veilig is om auto te rijden. Ik kwam thuis na het sporten en brak in tranen uit. Tussen mijn veertiende en zevenentwintigste heb ik alles gedaan om mezelf te fixen en uiteindelijk ging mijn zicht alsnog achteruit. Ik brak, al het oude zeer kwam los en ik moest janken, janken!”
Kind van God
Kirsten, zijn toenmalige vriendin met wie hij nu getrouwd is, zegt iets opmerkelijks: ‘Als je alles al geprobeerd hebt, moet je misschien God maar vragen om hoop.’ “Ik ben opgegroeid als katholiek, maar we deden er niks mee; alleen mijn oma bad. En Kirsten was helemaal niet gelovig opgevoed. We zaten samen in de new age. Een paar maanden eerder deden we een ceremonie Kirsten God ervoer. Hij zei ‘Je bent een kind van God, stop met deze ceremonie’. Dat had ze ook opgeschreven in haar notities, maar ze vertelde mij niets.”
Zonder er lang over na te denken, gaat Martien op zijn knieën. “Ik bad: ‘God, ik kan niet meer, ik heb alles geprobeerd, geef me alstublieft hoop. Die avond ging ik na een hele hoop tranen naar bed. De volgende dag ging ik naar kantoor. Tijdens een gesprek met een klant werd ik vier keer gebeld door een anoniem nummer. Ik kon dus niet terugbellen. Daarna werd ik nog een keer gebeld, nu wel met een herkenbaar nummer. En je gelooft het echt niet: het was de afdeling oogheelkunde van het Radboudumc Nijmegen, met het bericht dat ik in aanmerking kwam voor een pilot. Het ging om een nieuw medicijn voor mijn specifieke oogaandoening. Ze hadden net besloten dat niet drie maar vijf patiënten mee konden doen met het onderzoek. Op dat moment kreeg ik kippenvel en nog steeds als ik het vertel. Heel mijn leven is mij verteld dat er geen medicijn is of een oplossing. En nu maak ik wel een kans op genezing.”
Martien belt meteen zijn vrouw. ‘Nu geloof ik echt in God’, zegt zij. In die periode heeft Martien nog geen beeld wie God is en wat het christendom inhoudt. “Toch trok de christelijke God mij. Ik dacht wel dat je Zijn goedkeuring moest verdienen vanuit werken. Ik had nog geen idee.”
Waaromvraag
Negen maanden lang krijgt Martien allerlei onderzoeken. Hij komt er goed doorheen. Er wordt ook een operatie aan zijn linkeroog ingepland. “Mijn leven kon niet stuk!” Er moet nog een laatste onderzoek volgen. Na drie weken wordt Martien gebeld door het Radboudumc. “Er was slecht nieuws, ik was uit de pilot gehaald. Mijn eerste vraag was: waarom? Als God een goede God is, waarom gebeurt dit? Daar krijg je alleen maar shit-antwoorden op. Je kunt het al raden, ik brak opnieuw, net als toen ik voor het eerst op mijn knieën ging. Hoezo zou God eerst geven en dan nemen? Ik raakte best verbitterd. De horizon die al best troebel was, was nu helemaal weg. Het kon betekenen dat ik alsnog totaal blind kon worden.”
Martien heeft al contact met een psycholoog, hij is atheïst. “In de week erna vertelde hij mij dat hij filosofie had gestudeerd en dat mijn verhaal hem zelfs als atheïst deed denken aan een verhaal uit de Bijbel, dat van Job. ‘Ken je dat?’ vroeg hij. Hij vertelde over de weddenschap tussen God en de duivel, over de vraag die Job stelde en het antwoord dat God hem gaf: ‘Hoezo heb jij dit verdiend, ben jij degene die alles gemaakt heeft?’”
God omarmen
Dit geeft Martien een nieuw inzicht. “Het resoneerde zo bij mij. Mijn hele leven heb ik geprobeerd te doen alsof die oogaandoening er niet is. Ik moest ertegen vechten, hem wegdenken, affirmeren. Zo heb ik ook heel mijn leven God ontkend. Jezus zegt: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. De definitie van waarheid is: datgene wat het meest overeenkomt met realiteit. Als je iets ontkent, dan ben je God aan het ontkennen, want God is ook realiteit. Als je God toelaat, omarmt en aanneemt binnen datgene wat je is gegeven, voel je je vrij. Zo is het ook met lijden: je kunt het wegduwen zoals ik altijd had geprobeerd, maar ook erkennen.”
Het verandert Martien volledig. “Ik heb me volledig bekeerd en ben drie weken later in het doopbadje gesprongen, samen met Kirsten. Het is nu drie jaar geleden dat de Heilige Geest via een atheïst tot mij kwam, heel frappant. Dat heeft God in elkaar gezet, dat kan niet anders. Ik was op dat moment nog geen christen en ik geloof ook niet dat hij met elke cliënt verhalen uit het Oude Testament deelt, maar voor mij was het precies wat ik op dat moment moest horen.”
Liefde
Er begint een heel veranderingsproces. “Je weet echt niet waar je aan begint. God heeft echt mijn hart geraakt, maar omdat ik superwetenschappelijk ben, moest ik het ook met mijn hoofd begrijpen. Ik verdiepte me in apologetiek, designtheorie, ik leerde Bijbelse principes. Tijdens het dopen heb ik ook beloofd geen seks meer te hebben voor het huwelijk, al woonden we dan samen. Dat was echt een van de moeilijkste dingen. Ik heb heel veel bedpartners gehad en natuurlijk gebeurt er dan veel in de geestelijke wereld. Ik moest van veel demonen afscheid nemen en ik raad het iedereen aan. Het is het beste wat me is overkomen. Ik had een seksverslaving, maar zie mijn vrouw nu als mijn vrouw en niet als object. Ja, het grootste verschil met mijn leven voor en na mijn bekering is de liefde die ik nu met mijn vrouw ervaar.”
In het eerste jaar als christen deelt Martien er nog niet veel over, maar in het tweede jaar treedt hij er mee naar buiten. “Vorig jaar met Pinksteren schreef ik een bericht op LinkedIn waarin ik met Jezus uit de kast kwam. Die post ging meteen viraal. Ik ontdekte dat als ik een keuze maak die in lijn ligt met mijn roeping, God meteen bevestigt dat ik op de goede weg zit. Ik besefte steeds meer hoe het Koninkrijk werkt, ook als het gaat om ondernemen.”

Ondernemersbijbel
Een voorbeeld hiervan is een boek dat Martien schrijft. “God had me op het hart gelegd een ondernemersbijbel te schrijven, met elke dag een vers uit de Bijbel, interpretatie voor ondernemers en een actiepunt. Hier zijn al achthonderd van verkocht zonder uitgeverij en zonder echte lancering. Er worden ook niet-gelovige ondernemers mee bereikt, er zit veel wijsheid in en een ondernemer is er al door tot geloof gekomen.”
Martien zoekt God eerst bij alles wat hij doet. “Ik heb het bedrijf in slaappillen verkocht en help nu anderen om met God te ondernemen. We doen live events, groepstrajecten online volgens Bijbelse principes en hebben een online community waar 140 ondernemers bij zijn aangesloten. Centraal staan roeping, rust, sterkte relaties en rendement. We maken veel content over God en Jezus en stimuleren niet alleen ondernemer te zijn op zondag maar de hele week.”

Vrede
Zijn zicht is nog niet genezen, maar Martien heeft hier vrede over. “Ik geloof dat God geneest en we bidden er elke week voor. Strijden tegen de ziekte doe ik niet meer. Ik geloof dat God het ten goede keert, anders zouden we dit interview nu niet hebben bijvoorbeeld. Zelfs al zal ik pas in Gods Koninkrijk scherp zien, dan weet ik ook dat Hij niet meer geeft dan ik aankan. Ondernemers in de wereld willen controle hebben, maar ik volg Zijn weg. Dat geeft mij rust. Ik hoef het niet alleen te dragen, God is altijd met mij.
Een Bijbeltekst die Martien veel steun geeft is die waarin Thomas om een teken vraagt. “Ik krijg er kippenvel van als ik deze benoem. Thomas zegt dat hij alleen zal geloven dat Jezus is opgestaan als Hij voor hem staat. Dan hoort hij Jezus ineens zeggen: ‘Wees niet bang, ik ben hier’. En Hij vervolgt: ‘Omdat u Mij gezien hebt, Thomas, hebt u geloofd; zalig zijn zij die niet gezien zullen hebben en toch zullen geloven.’
Dit stuk raakt mij op heel veel verschillende lagen. De eerste is die letterlijke van het fysieke zicht. Zicht wat ik niet heb en toch geloof ik. God heeft mij heel veel competenties gegeven op sociaal gebied, op coachingsgebied; ik kan heel goed aan voelen wat iemand nodig heeft, wat zijn behoefte is in communicatie. Zien zonder zicht kan ook een zegen zijn. Nog een laag dieper is natuurlijk de geestelijke laag. Die wordt ook beschreven in 2 Korintiërs 4:18: ‘Wij richten onze blik niet op de dingen die zichtbaar zijn, maar op de dingen die onzichtbaar zijn. Want de zichtbare dingen zijn tijdelijk, maar de onzichtbare dingen zijn eeuwig.’ Dit versterkt mijn geloof heel erg. Ondanks dat ik niet alles kan zien, mag ik toch vertrouwen en ik ben zalig als ik niet zie en toch geloof!”

