Een uitspraak van de Hoge Raad over vrijstelling van de leerplicht zorgt voor grote onrust onder ouders die op grond van hun geloofs- of levensovertuiging thuisonderwijs geven en heeft ook gevolgen voor het bijzonder onderwijs. Volgens de hoogste rechter kan een beroep op artikel 5 onder b van de Leerplichtwet bij beschikbaar openbaar onderwijs alleen nog in uitzonderlijke gevallen slagen. Volgens Erna Stelma, medeoprichter en bestuurslid van stichting Van Rechtswege en Thuisonderwijsverbond TOV, schuift de rechter stilletjes op de stoel van de wetgever. “De uitspraak van de Hoge Raad is regelrecht in strijd met de wet.”
Aanleiding voor de uitspraak is de rechtszaak die werd aangespannen door een echtpaar. De ouders dienden bij de gemeente een kennisgeving in voor een vrijstelling aan voor hun kinderen op basis van artikel 5 onder b van de Leerplichtwet 1969, zoals de wet het voorschrijft. Toch besloot de leerplichtambtenaar een proces-verbaal op te maken, waarna het OM de ouders vervolgde. De ouders procedeerden door tot de Hoge Raad, die onlangs bepaalde dat ouders geen vrijstelling meer kunnen krijgen vanwege ‘richtingsbezwaren’ als er een openbare school in de buurt is.
Verschillende gemeenten hebben inmiddels aangekondigd bestaande of nieuwe vrijstellingen kritischer te beoordelen of niet langer te erkennen. Daardoor zitten ouders die al jaren thuisonderwijs geven plotseling in onzekerheid.
‘Neutraal’ onderwijs
“De uitspraak van de Hoge Raad is regelrecht in strijd met de wet”, zegt Erna Stelma, medeoprichter en bestuurslid van stichting Van Rechtswege en Thuisonderwijsverbond TOV. “De Hoge Raad heeft als taak om na te gaan of het rechtsproces goed is verlopen en of de wet is gevolgd. In plaats van dat de Raad onderkent dat er aan het begin bij de gemeente al iets is fout gegaan, grijpt ze dit arrest aan om vergaande uitspraken te doen. Maar de wetgevende macht ligt bij de politiek, niet bij de rechter.”
De uitspraak raakt niet alleen ouders die kiezen voor thuisonderwijs, maar alle ouders die hun kinderen naar bijzonder onderwijs sturen, aldus Stelma. “De Hoge Raad zegt dat openbaar onderwijs ‘pluralistisch, kritisch en objectief oftewel neutraal’, is waardoor er geen reden zou zijn om voor bijzonder onderwijs te kiezen. Met deze uitspraak veranderen ze de wet door te stellen dat ouders moeten bewijzen dat de openbare school in hun buurt niet voldoet.”
Menukaart
Ouders, met name degenen die thuisonderwijs geven, ervaren dwang van de overheid. “Het is alsof de autoriteiten zeggen: ‘Luister eens, wij willen niet dat jullie gemoedsbezwaren hebben, het past ons niet en we willen het niet; ga maar naar de openbare school.’ Maar voor ons als christenen is het heel duidelijk dat het openbaar onderwijs verre van neutraal is. Ook deze vorm van onderwijs baseert zich op een ideologie, namelijk het relativisme: het maakt niet zoveel uit wat je gelooft, het is ook niet zo belangrijk of er wel of geen God is; kinderen krijgen een soort menukaart voorgeschoteld met opties of je je wel of niet wilt verbinden aan een geloof of levensovertuiging. Maar Bijbels gezien is dit geen neutraal onderwijs want wij geloven in een God en ook dat wij verantwoordelijkheid hebben gekregen ten opzichte van onze kinderen die een openbare school nooit kan overnemen.”
Boven op de uitspraak van de Hoge Raad volgde ook een brief van de Kinderombudsvrouw, die zich bezighoudt met de rechten van het kind. “Zij zou het liefst zien dat elk kind zelf beslist naar welk soort onderwijs het gaat. Daarmee knabbel je heel hard aan de beslissingsbevoegdheid van de ouders.”
Proces-verbaal
De uitspraak van de Hoge Raad heeft al vergaande gevolgen. Ingrado een vakvereniging voor leerplichtambtenaren, publiceerde deze week een Handreiking omgaan met vrijstellingen 5 onder b na uitspraak Hoge Raad. “Deze vereniging heeft geen enkele bevoegdheid om beleid te maken, maar toch is het zo dat heel veel gemeenten hun adviezen en modelbrieven klakkeloos overnemen, zonder dat ze beseffen dat de vereniging geen overheidsinstantie is.”
Een aantal gemeenten waaronder die in grote steden, heeft al aangegeven dat de vrijstellingen dit jaar worden ingetrokken, waardoor kinderen verplicht naar een school moeten. “Stel dat de vakvereniging van politiemensen zou zeggen dat ze willen dat mensen dertig gaan rijden op plekken waar je wettelijk gezien vijftig mag. En iedereen die dat niet doet, krijgt een proces-verbaal. Dat is de redenering die Ingrado volgt.”
Thuiszitters
In Nederland krijgen zo’n 2500 kinderen thuisonderwijs. Dat is maar een klein aantal, zeker vergeleken met de 70.000 kinderen die ongewild thuiszitten omdat het onderwijs niet bij hen aansluit. Thuisonderwijsverbond vertegenwoordigt honderd gezinnen.
Hoe het verder gaat, is nog niet duidelijk. “Tot 1 juli hebben ouders de gelegenheid om een kennisgeving in te dienen bij de gemeente. We hebben nog geen zicht op hoeveel processen-verbaal er komen. Dat is afhankelijk van leerplichtambtenaren die, ondanks dat er geen strafbaar feit wordt gepleegd, bereid zijn processen-verbaal op te maken. Dat is een bijzonder kwalijke zaak. Vakvereniging Ingrado speelt een kwalijke rol. We zien het echt als een hetze tegen ouders die zij aanjaagt.”
Openbaar Ministerie
Stelma heeft naar eigen zeggen het idee dat heel veel colleges van burgemeester en wethouders én leerplichtambtenaren niet doorhebben wat er eigenlijk gebeurt. “En dat heel veel leerplichtambtenaren niet begrijpen dat ze geen proces-verbaal mogen opmaken in deze situatie”, aldus Stelma.
Ook het Openbaar Ministerie speelt volgens Stelma een belangrijke rol. “In de media is al gesuggereerd dat vervolging opnieuw mogelijk wordt. Maar het OM kan alleen vervolgen als sprake is van een strafbaar feit. Als ouders volgens de wet vrijgesteld zijn, ontbreekt dat strafbare feit.”
“We hebben echt signalen dat er op het ministerie laatdunkend wordt gesproken over Artikel 23 van de Grondwet.”
De aanpak zal van gemeente tot gemeente verschillen. Steden als Rotterdam en Den Haag varen een eigen koers. “Rotterdam heeft in 2013 al gezegd: als de Rijkswet niet veranderd wordt, dan maken we in Rotterdam vast een eigen wet. Nota bene op Tweede Pinksterdag kwam de wethouder van Den Haag in de pers met de uitspraak dat de gemeente vrijstellingen afwijst. In diezelfde week volgden Utrecht en Groningen met uitlatingen in de media. Andere gemeenten stuurden ouders een brief van die strekking. We hebben het idee dat er in de vijf grootste gemeentes en ook in de G27 van grote steden wel enige afstemming is.”
Misbruik van macht
Ook landelijk is er gedoe. Staatssecretaris Tielen wil van de vrijstelling af, blijkt uit een brief. “Dat kan echter niet zomaar, want de vrijstelling is verbonden aan grondrechten. Het is niet een artikel waar je zomaar een streep door kunt zetten. Dat beseft men waarschijnlijk heel goed, vandaar dat de behoefte gevoeld wordt – dat horen we terug – dat er een andere wet moet komen. En als die er niet komt, zeggen bestuurders, nemen we in de praktijk vast stappen. Gelukkig is er nog een aantal gemeenten dat begrijpt hoe de wet werkt en vrijstellingen erkent als rechtsgeldig.”
Stelma krijgt veel vragen van ouders over wat ze nu kunnen verwachten. “Ons antwoord is: ‘De Hoge Raad mag de wet niet wijzigen, dus deze is nog steeds onverkort van kracht’. De vrijstelling volgt ook onverkort uit de wet. Als ouders de kennisgeving volgens de eisen hebben ingediend, dan zijn zij vrijgesteld. Onze achterban is er goed van doordrongen dat ze in hun recht staat maar het neemt niet weg dat het een heel onprettig gevoel geeft dat de overheid zich zo tegenover je verheft en misbruik maakt van macht. De onrust die er is, is meer in de zin van: wat kunnen we nu verwachten terwijl we aan de wet voldoen.”
Wees alert
De SGP heeft Kamervragen gesteld. “De politiek moet de vragen die ouders hebben, neerleggen op de plek waar ze horen, bij het ministerie van Onderwijs en van Veiligheid en Justitie.” En Stelma roept christenen op te bidden voor de onderwijsvrijheid. “We hebben echt signalen, ook zwart op wit, dat er op het ministerie laatdunkend wordt gesproken over Artikel 23 van de Grondwet. Ambtenaren hebben gezegd dat ze het artikel weliswaar ongemoeid laten maar dat ze het burgerschapsonderwijs willen optuigen. Dit omvat wat de overheid beschouwt als belangrijke normen en waarden in de democratie.”
Voor kerken en christelijke organisaties heeft Stelma een dringende oproep: “Houd je ogen open. Niet overal is het besef dat er wordt geknabbeld aan de vrijheid van onderwijs. Staan we in de bres, zijn we alert? Deze uitspraak van de Hoge Raad raakt het hele bijzondere onderwijs en geldt bijvoorbeeld ook voor Joodse ouders die niet in Amsterdam wonen waar een Joodse school staat. Er is sprake van een geestelijke strijd, maar we geloven in de kracht van gebed.”
KADER: Wat regelt artikel 5 onder b?
In Nederland geldt leerplicht. Dat betekent dat kinderen in principe naar school moeten. De Leerplichtwet kent echter enkele uitzonderingen. Een daarvan staat in artikel 5 onder b van de Leerplichtwet 1969.
Dit artikel maakt het mogelijk dat ouders een beroep doen op vrijstelling van de inschrijfplicht wanneer zij overwegende bedenkingen hebben tegen de richting van alle scholen die voor hun kind redelijk bereikbaar zijn. Het gaat daarbij om godsdienstige of levensbeschouwelijke bezwaren tegen de richting van het onderwijs.
De vrijstelling wordt niet door de gemeente “verleend” zoals een vergunning. Ouders moeten een kennisgeving indienen die aan de wettelijke voorwaarden voldoet. Als dat het geval is, ontstaat de vrijstelling van rechtswege. De discussie na de uitspraak van de Hoge Raad draait vooral om de uitspraak dat ouders hun bezwaren tegen openbaar onderwijs moeten onderbouwen, iets wat wettelijk gezien niet vereist is.

