De Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth heeft verklaard dat het Iraanse regime “ten dode is opgeschreven”, terwijl de Verenigde Staten en Israël hun militaire aanvallen op Iran verder uitbreiden. De uitspraak komt terwijl het conflict in het Midden-Oosten snel escaleert en ook andere partijen zich beginnen te mengen in de strijd.
Volgens Hegseth hebben Amerikaanse en Israëlische strijdkrachten inmiddels meer dan 2.000 doelen in Iran geraakt, waaronder raketinstallaties, militaire bases en marineschepen. De operatie, die eind februari begon, maakt gebruik van een enorme hoeveelheid luchtmacht – volgens het Pentagon zelfs meer dan tijdens de Amerikaanse invasie van Irak in 2003.
De Amerikaanse regering zegt dat de aanvallen bedoeld zijn om de militaire capaciteiten van Iran te verzwakken, vooral het raket- en droneprogramma. Tegelijk waarschuwde Hegseth dat het conflict nog niet voorbij is en dat de aanvallen de komende tijd kunnen worden opgevoerd.
Intussen lijkt ook binnen Iran zelf onrust toe te nemen. Koerdische groepen zouden volgens berichten aanvallen zijn begonnen op Iraanse doelen in het westen van het land. Koerdische coalities hebben verklaard dat hun strijders zich al in Iraans gebied bevinden en klaarstaan voor verdere acties tegen het regime.
Iran heeft op zijn beurt raketten en drones afgevuurd richting Israël, Amerikaanse bases en andere doelen in de regio. Daarbij zijn ook Amerikaanse militairen omgekomen. Analisten waarschuwen dat de oorlog kan uitgroeien tot een langdurig regionaal conflict als de gevechten blijven escaleren.
De situatie in het Midden-Oosten blijft daarmee uiterst gespannen, terwijl Washington en Jeruzalem aangeven dat de militaire campagne nog niet is afgerond.





